Bossen Dwingelderveld bieden steeds meer variatie
In het Dwingelderveld wordt gewerkt aan een meer natuurlijk en gevarieerd bos. Niet alleen is dit beter voor de biodiversiteit, het biedt ook meer beleving voor de bezoeker.
Het Dwingelderveld werd in 1991 uitgeroepen tot Nationaal Park. De status van Nationaal Park helpt om de natuur te beschermen en te herstellen, maar zorgt ook voor meer bekendheid van het gebied. Het stimuleren van duurzame recreatie is daarom ook een belangrijke doelstelling van het Nationaal Park.
In de beginjaren van het Nationaal Park is vooral geïnvesteerd in het herstellen van de grote open heide en het veenmoeras. De laatste jaren wordt ook gekeken naar het meer noordelijk deel van het Dwingeldveld wat oorspronkelijk als productiebos was aangelegd.
Een van de bomen die veel werd aangeplant voor houtproductie was lariks. Deze boom staat erom bekend dat hij zich snel verjongt en zo andere boomsoorten geen kans geeft om te groeien. Dit is niet wenselijk voor de natuur – meer variatie aan bomen geeft ook meer variatie aan soorten planten en dieren die er kunnen leven - het biedt voor de bezoeker ook een saai beeld.
Staatsbosbeheer heeft een project uitgevoerd in het bos waarbij jonge zaailingen van de lariks zijn verwijderd en een grote variatie aan inheemse boomsoorten zoals zwarte els, sleedoorn, zomereik en winterlinde zijn geplant. Als de bomen groter zijn gegroeid zullen allerlei insecten en vogels, maar ook de bezoekers aan Nationaal Park Dwingelderveld zich in dit bos thuis voelen.

Bos vol jonge lariksen

Zomereik op de Doorwerthse heide

Sleedoorn met dagpauwoog